A Court of Thorns and Roses 1: A Court of Thorns and Roses

Gelezen op

Sarah J. Maas
Bloomsbury, 2015, 419 blz.

Hoera! Schlock!

Het verhaal speelt zich af in Prithian, een van geografie nauwelijks aangepast Engeland. Mensen haten elfen: tot voor een jaar of 500 geleden waren alle mensen slaven van de elfen. Toen was een oorlog tussen elfen die vóór slavernij waren en elfen + mensen die tegen slavernij waren. Die is afgelopen met een overwinning van de Tegen Slavernij-kant, en met een muur die de landen van de elfen van de landen van de mensen afscheidt:

Feyre is de jongste dochter van drie in een gezin zonder moeder. Tot voor een paar jaar waren ze zeer rijk, maar er bleken zeer veel schulden te zijn, hun moeder overleed, en hun vader maakte een laatste investeringsgok die hem alles kostte. Zijn schuldenaars hebben hem kreupel gestampt en hij doet nu niets meer behalve soms wat hout kerven.

De twee oudste dochters doen ook niets behalve het weinige geld opdoen dat Feyre verdient door te jagen in het gevaarlijke bos. Feyre zou het liefst van al gewoon schilderen, maar ze moet noodgedwongen het hele gezin onderhouden, dat haar als afval behandelt.

(Ja, qua cliché kan allemaal zeer hard tellen.)

Op een zekere dag is ze aan het jagen op een hert wanneer ze een reuzengrote wolf ziet. Ze denkt dat het misschien wel een elf zou kunnen zijn in vermomming en ze haalt de ene pijl boven die elfen kan doden: es, met een ijzeren tip. Ze schiet, ze raakt de wolf! En dan schiet ze voor de zekerheid een gewone pijl door zijn oog.

Ze vilt wolf en hert, neemt het hertenvlees naar huis mee, krijgt stank voor dank van de familie, en trekt dan naar het dorp om de pelsen te verkopen.

Wat later staat een Verschrikkelijk Beest aan de deur: dat Feyre een elf vermoord heeft, en dat het de wet is dat ze nu dood moet. Dood, of mee naar het elfenrijk.

(Mee naar het elfenrijk, natuurlijk. Wat denkt ge?)

Het Verschrikkelijk Beest blijkt een Ongelooflijk Knappe Man Elf te zijn. Tamlin is één van de grote bazen van Prithian, de chef van de Spring Court, pakweg het land van altijd lente. Maar zijn kasteel is vreemd leeg, en er is gelijk iets raar aan de hand.

Die Tamlin is eigenlijk een oninteressant personage: hij is zot verliefd op Feyre, maar onderneemt eigenlijk weinig of niets. Tegen het einde van het boek blijkt daar een goede reden voor te zijn, maar zelfs dan: het veruit meest interessante personage is Rhysand, de baas van de Night Court in het noorden.

Ik was er zeer snel door, het einde was een mengeling van oogrol-inducing cliché op cliché en eigenlijk best wel degelijke stukken.

Ik kijk uit naar het vervolg.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *